Chapter 11 of 14 · 439 words · ~2 min read

IX.

En Hunferd zeide toen, de zoon van Ecglaf, Die aan die voeten zat des Schyldingvorsten, Het kampgeheim ontkeetnend: (Beowulfs aankomst, Des koenen golfvaart gaf hem grooten aanstoot, Omdat hij geenszins aan een ander gunde Der mannen, meerder roem op aard te rapen, Beneên de wolken, dan hem was geworden.) ‘Zijt gij die Beowulf, die met Brecca aanbond Den wedstrijd op de wijde zee, in ’t zwemmen Met dezen streven dorst, toen boud gij beiden Navorschtet in den vloed en gij uit grootspraak Uw leven waagdet in het diepe water? Geen stervling was in staat, noch vriend noch vijand, De roekelooze reis u af te raden. Toen braakt gij beiden roeiend door de baren En dektet onder uwen arm de deining, Gij maat de zeebahn, zwaaiend met de handen, Doorgleedt de waterwieling, schoon met golven De kil opklotste bij des winters branding. Op deze wijze wurmdet gij te gader Wel zeven nachten in ’t bezit der zeeën. Doch gene ging in vaart u ver te boven; Hij had toch meerder macht. De strooming stuwde Hem met den morgen heen ten Headoraemen, Van waar hij wedervond, de volksgevierde, Het lieve stambezit, het land der Brondings, De schoone schatburg, waar hij wapenlieden En goed en goud bezat. De zoon van Beanstan Hield tegen u geheel zijn woord in waarheid.’

_Criticism of the Translation._

The translation seems to aim chiefly at accuracy, which accounts for the rather large number of notes containing readings suggested by various commentators. The translator uses freely compounds and metaphors similar to those in the original text. This seems occasionally to militate against the clearness of the work. Thus, it is doubtful whether ‘kampgeheim ontkeetnend’ of the extract conveys to the modern Dutch reader any notion similar to that of the Old English _beadu-runen onband_.

The present writer is unable to offer any literary criticism of the translation.

[Footnote 1: Fifth edition of Heyne’s text, 1888.]

[Footnote 2: At this point Simons speaks as if ab, ab, were the common form of alliteration in Old English, whereas it is rather uncommon.]

STEINECK’S TRANSLATION

Altenglische Dichtungen (Beowulf, Elene, u.a.) in wortgetreuer Uebersetzung von H. Steineck. Leipzig, 1898, O. R. Reisland. 8vo, Beowulf, pp. 1-102.

Seventh German Translation. Line for line.

_Aim of the Volume, and Nature of the Translation._

‘Die vorliegende Uebersetzung ist aus dem Bedürfnis einer wortgetreuen Wiedergabe altenglischer Denkmäler entstanden. Soweit es der Sinn zuliess, ist das Bestreben dahin gegangen, für jedes altenglische Wort das etymologisch entsprechende neuhochdeutsche, wenn vorhanden, einzusetzen. So ist die Uebersetzung zugleich ein sprachgeschichtliches Werk.’ --Vorwort.

_Text Used._

The translation is based on Heyne’s text of 1863[1] (Vorwort). Fragmentary passages are not restored.

EXTRACT.